De maximale kosten van een deurwaarder zijn wettelijk vastgelegd en hangen af van het openstaande bedrag, de fase van de procedure en het type schuld. Een deurwaarder mag niet zomaar onbeperkt kosten doorberekenen. Er gelden strikte grenzen, zowel voor de incassokosten vooraf als voor de gerechtelijke kosten zodra een zaak bij de rechter ligt.
Maximale incassokosten deurwaarder per schuldklasse
Voordat een deurwaarder formeel in actie komt, worden er vaak al incassokosten gemaakt. Die kosten zijn wettelijk begrensd via het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. De maximale incassokosten worden berekend als percentage van de hoofdsom en zijn getrapt: hoe hoger de schuld, hoe lager het percentage voor het extra deel.
| Deel van de hoofdsom | Percentage | Maximum voor dit deel |
|---|---|---|
| Eerste €2.500 | 15% | €375 (minimum €40) |
| €2.500 tot €5.000 | 10% | €250 |
| €5.000 tot €10.000 | 5% | €250 |
| €10.000 tot €200.000 | 1% | €1.900 |
| Boven €200.000 | 0,5% | geen maximum |
Het absolute maximum aan incassokosten is €6.775 (op basis van de geldende staffel). Schuld je bijvoorbeeld €1.000, dan zijn de maximale incassokosten €150. Bij een schuld van €3.000 geldt: 15% over €2.500 is €375, plus 10% over €500 is €50, totaal €425.
Wanneer mag een deurwaarder deze kosten in rekening brengen?
Een deurwaarder mag incassokosten alleen doorberekenen als je als schuldenaar eerst een aanmaning hebt ontvangen met een betalingstermijn van minstens 14 dagen. Dat is een wettelijke eis. Heb je die aanmaning niet gekregen, dan kun je de extra kosten aanvechten. Bij consumenten (particulieren) gelden strengere regels dan bij bedrijfsschulden.
Let op: bij huurschulden, zorgpremies en sommige andere schulden kunnen afwijkende regels gelden. Vraag bij twijfel na bij het Juridisch Loket of de rijksoverheid.
Gerechtelijke kosten: wat komen er nog bij?
Stapt de deurwaarder naar de rechter, dan komen daar extra gerechtelijke kosten bij. Die zijn niet afhankelijk van de schuldhoogte maar van de gevolgde procedure. Denk aan griffierecht, de kosten voor het uitbrengen van een dagvaarding en het salaris van de deurwaarder voor de gerechtelijke fase. Deze bedragen zijn vastgesteld door de overheid en worden regelmatig geïndexeerd.
- Griffierecht bij een vordering tot €500: naar schatting rond €85 à €100 in 2026
- Dagvaardingskosten (explootkosten): naar schatting rond €100 à €130 in 2026
- Salaris gemachtigde (proceskosten): afhankelijk van het tarief dat de rechter vaststelt
Als de rechter de schuldeiser in het gelijk stelt, worden deze proceskosten vaak ook op jou verhaald. Dat maakt een gerechtelijke procedure flink duurder dan een buitengerechtelijke afwikkeling.
Executiekosten: als de deurwaarder daadwerkelijk komt
Heeft de rechter vonnis gewezen en betaal je nog steeds niet, dan mag de deurwaarder executiemaatregelen nemen. Dat betekent dat hij beslag legt op je bankrekening, salaris of bezittingen. De kosten die hij daarvoor maakt, komen bij de schuld. Denk aan kosten voor het leggen van beslag, het taxeren van bezittingen of het verkopen via een veiling. Deze kosten zijn ook wettelijk bepaald in het Besluit tarieven ambtshandelingen gerechtsdeurwaarders.
Een beslaglegging op je loon kost de deurwaarder moeite en die kosten mag hij doorbereken. Hoe langer je wacht met betalen, hoe meer er bij de oorspronkelijke schuld optelt.
Wat als de kosten te hoog zijn?
Denk je dat de deurwaarder te veel in rekening brengt? Stuur dan een schriftelijk bezwaar. Je kunt ook een klacht indienen bij de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (KBvG) of je wenden tot de kantonrechter. De rechter toetst of de kosten rechtmatig zijn en kan ze matigen.
Controleer altijd de specificatie die de deurwaarder meestuurt. Staan er posten op die je niet herkent of die niet kloppen met de wettelijke tarieven, dan heb je het recht om uitleg te vragen. Een deurwaarder is een openbaar ambtenaar en moet transparant zijn over zijn kosten. Vraag bij onduidelijkheid advies bij het Juridisch Loket; dat is gratis.
