Minimum betaling deurwaarder: dit mag je zelf houden

Bij een minimum betaling aan de deurwaarder draait het om één kernvraag: hoeveel van jouw inkomen mag de deurwaarder inhouden, en wat moet er minimaal overblijven? Het antwoord is de beslagvrije voet: een wettelijk vastgesteld minimumbedrag dat de deurwaarder nooit mag aanraken. Wat er boven dat bedrag uitkomt, mag wél worden ingehouden om de schuld af te lossen.

De beslagvrije voet is dus geen minimumbedrag dat jij betaalt, maar juist het bedrag dat voor jou beschermd is. Alles daarboven gaat naar de deurwaarder totdat de schuld is afgelost. Begrijpen hoe dit werkt, voorkomt verrassingen op je bankrekening.

Wat is de beslagvrije voet precies?

De beslagvrije voet is het deel van je inkomen dat je altijd overhoudt, ook als er beslag ligt op je loon of uitkering. De deurwaarder mag dat bedrag niet aanraken. Het idee erachter is simpel: iedereen moet genoeg geld hebben om van te leven, ook als je schulden hebt.

De hoogte van de beslagvrije voet is niet voor iedereen gelijk. Hij hangt af van jouw persoonlijke situatie, zoals of je alleen woont, samenwoont of kinderen hebt. Ook je huurkosten en eventuele zorgtoeslag spelen een rol. De deurwaarder is wettelijk verplicht om deze berekening te maken voordat er beslag wordt gelegd op je inkomen.

Volgens het Juridisch Loket berekent de deurwaarder jouw beslagvrije voet op basis van jouw specifieke omstandigheden. Klopt die berekening niet, dan kun je daar bezwaar tegen maken.

Minimum betaling aan de deurwaarder: wat gaat er wél weg?

Heb je een inkomen dat boven de beslagvrije voet uitkomt? Dan haalt de deurwaarder het verschil eraf. Verdien je bijvoorbeeld naar schatting rond 2026 netto 1.800 euro per maand en is jouw beslagvrije voet vastgesteld op 1.400 euro, dan mag de deurwaarder maandelijks 400 euro inhouden. Dat gaat rechtstreeks naar de schuldeiser.

Er is geen wettelijk minimum dat jij zelf aan de deurwaarder moet betalen. Het gaat altijd om wat er boven jouw beslagvrije voet uitkomt. Verdien je precies genoeg om op de beslagvrije voet uit te komen, dan hoeft er in principe niets weg. De deurwaarder kan dan wel andere wegen zoeken, zoals beslag op andere bezittingen.

Wanneer geldt de beslagvrije voet niet?

De beslagvrije voet geldt bij beslag op loon, uitkering of bankrekening. Maar er zijn uitzonderingen waar je rekening mee moet houden:

  • Bij beslag op een bankrekening geldt de beslagvrije voet pas nadat je dit zelf hebt aangevraagd bij de deurwaarder. Dat gaat niet automatisch.
  • Sommige schulden, zoals alimentatie of belastingschulden, kunnen andere regels hebben.
  • Bezittingen zoals een auto of sieraden vallen buiten de beslagvrije voet. Daarop gelden andere beschermingsregels.

Heb je beslag op je bankrekening en weet je niet dat je de beslagvrije voet kunt aanvragen? Dan loop je het risico dat er meer wordt ingehouden dan toegestaan. Meld je bij de deurwaarder of het Juridisch Loket om dit te regelen.

Wat kun je doen als de berekening niet klopt?

Denk je dat de deurwaarder de beslagvrije voet te laag heeft vastgesteld? Dan heb je recht op herberekening. Geef de deurwaarder je actuele inkomensgegevens, huurkosten en gezinssituatie door. De deurwaarder is verplicht deze informatie mee te nemen.

Kom je er samen niet uit, dan kun je een klacht indienen bij de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (KBvG) of naar de rechter stappen. Het Juridisch Loket kan je gratis helpen bij het controleren van de berekening en het indienen van bezwaar.

Zorg in elk geval dat je alle inkomsten en vaste lasten op papier hebt staan voordat je de deurwaarder benadert. Hoe concreter jij bent, hoe makkelijker een correcte herberekening gaat.

Kortom: de minimum betaling aan de deurwaarder is niet iets dat je zelf bepaalt, maar wat de wet voor jou vastlegt via de beslagvrije voet. Controleer altijd of die voet correct is berekend, want een fout daarin kost je direct geld dat je eigenlijk had mogen houden.

Search